Fête da la nature / Vuur en Soep

Fête da la nature / Vuur en Soep

Onze Vuur en Soep bijeenkomst rondom een vuurtje met een soepketel erboven in combinatie met Fête de la nature. Onder de naam Vuur en Soep hebben we de afgelopen jaren zeer succesvol mensen uit zowel de wijk als uit de stad naar ons toe getrokken om samen soep te maken en elkaar verhalen te vertellen, vaak gepaard met een lied.

Ieder neemt wat ingrediënten voor de soep mee. Wij maken een houtvuur en koken samen de soep. Maar vooral spreken we met elkaar. Over de wijk, over duurzaamheid of gewoon over hoe het ons allen vergaat. Steeds is het weer inspirerend wat dat oplevert.

Meer informatie volgt.

Tijd: einde van de dag (tijd volgt nog)
Locatie: Mens en Tuin, Hillenraadweg 35, Den Haag
Kosten: gratis, neem wel iets lekkers mee.
Geef je van te voren op: info@mensentuin.nl of laat het weten als je op de tuin bent

 

Grootste Pompoen

Tijdens de drukke dagen van de groenteteelt stond afgelopen voorjaar ineens Kitty op ons pleintje. Ze kwam ons vragen of we wilden meewerken aan de Pompoenchallenge – een wedstrijdje pompoenen kweken in Den Haag, georganiseerd door onze vrienden van Groene Matties. Mensen zouden dan bij ons een pompoenplantje kunnen ophalen, om op thuis op te kweken. In de herfst zou dan het Oogstfeest zijn, een moment om prijzen uit te delen en pompoenen voor de Voedselbank te verzamelen. Kitty gaf ons ook 2 zaden om zelf op te kweken, een Pindapompoen en een Giant. Deze zaadjes zijn met liefde gepoot, tot plantje opgekweekt en op een van onze composthopen geplant. Daar zijn de twee plantjes gestaag uitgegroeid tot een heus oerwoud van blad, met stiekem verstopte pompoenen.  

 
Op 9 oktober verzamelden wij ons naar het Oogstfeest, en een feest was het! Acrobaten, een klimboom, muziek, lekkere hapjes en natuurlijk een hele hoop pompoenen. Wij namen twee kruiwagens vol mee, met daarin 8 Pindapompoenen en één Giant. Onze twee zaadjes, composthoop en toewijding bezorgden ons dan ook 2 prijzen. Behalve verbaasde blikken, oogsten we de eerste prijs met onze Giant. De pukkelige Pindapompoen bezorgde ons de tweede prijs als meest Unieke pompoen. Maar de grootste winst zat in de trots van onze deelnemers en vrijwilligers en het plezier op het geweldige Oogstfeest. Je vindt een uitgebreid verslag van de Groene Matties hier. En je bent ons misschien zelfs tegengekomen in het AD!

7 van onze Pindapompoenen zijn aan de voedselbank geschonken. De laatste Pinda en onze Giant zijn inmiddels in stukjes in de vriezer beland. De komende winter zijn we dus aardig voorzien als de behoefte aan pompoensoep zich voordoet. De zaden zijn gedroogd om komend jaar te delen.

Michaelstijd

Natuur, uw moederlijk bestaan, ik draag het in mijn willend wezen en vuurkracht van mijn willen kan nu mijn geestkracht stalen, waaruit het zelfgevoel geboren wordt
mijzelf in mij te dragen. – Rudolf Steiner, Antroposofische weekspreuken 

Na een lange zomertijd, kondigt de herfst zich aan. De overgangstijd van zomer naar winter, van bloei naar afsterven, van licht naar donker, van warm naar koud. De bloemen raken uitgebloeid, bladeren worden geel en verdorren. Dieren gaan hamsteren en trekken zich terug voor hun winterslaap. De natuur begint zich duidelijk voor te bereiden op de winter. Zij wordt stil en komt tot rust.  

Aartsengel Michael wordt gezien als brenger van de zonnekracht. Hij zorgt voor sterke gewassen en voor een goede oogst. Voor de mens is hij de helpende hand in strenge winters, hij geeft kracht om door de winter heen te komen. Het Michaelsfeest is dan ook het feest van de moed. Hij weegt het goed en het kwaad en strijdt met de negatieve krachten, de ‘draken die vuurspuwen’. Hij staat daarom meestal afgebeeld met zwaard en weegschaal en soms met een draak. Michael staat als symbool voor de omgang met balans tussen goed en kwaad, ook in onszelf.  
In voorchristelijke tijden werd in deze periode het oogstfeest of het begin van de herfst gevierd, waarin men net als op Michaelsdag de goden dankte voor de goede oogst.  

Op een druilerige dag in de laatste week van september vierden wij het Michaelsfeest op Mens en Tuin. 
We vierden het als eerste in een reeks van herfstfeesten. 
Die dag stonden we met elkaar stil bij wat het leven ons geschonken heeft en wat we (misschien) achter ons willen laten. Na een verhaal over de oorsprong van dit feest, werden er vellen papier uitgedeeld met daarop een draak en een blanco deel. Op het blanco deel mocht ieder zijn eigen ‘draak’ tekenen of beschrijven. Iets wat je wilt overwinnen, een eigenschap die er juist meer mag zijn of die je graag achter je zou willen laten. Tijd voor iets nieuws?  
Alle draken zijn daarna in de vuurkorf beland en zijn daarmee symbolisch verslagen, zoals Michael zijn draak versloeg. Daar was moed voor nodig! Meteen warme drank en iets lekkers uit de oogstmand na afloop, zijn we nu écht onderdeel van deze mooie en bijzondere overgangstijd. 

De symboliek van Pasen

In de lente begint de natuur aan een nieuwe levenscyclus. Zo gaan de bloesems aan de vrucht vooraf en levert de vrucht het zaad. Van oudsher raakten in het voorjaar de voedselvoorraden op. Het groeiseizoen op de akker begint weer om ons van vers eten te voorzien. Zaden ontkiemen en we zien overal om ons heen groeikracht. Pasen wordt aan het begin van de lente gevierd. Al in voorchristelijke tijden waren het ei en de haas lentesymbolen. De ronde vorm van het ei verwijst naar de eeuwige cyclus van de natuur. Normaal gesproken gaan we in de lente weer meer naar buiten. Onze levenskrachten vloeien dan naar buiten en onze mensennatuur kan weer verschijnen. In deze tijd van Corona is onze bewegingsvrijheid beperkt en de vanzelfsprekendheid om lekker naar buiten te gaan is komen te vervallen. We zijn meer dan we gewend zijn op onszelf en onze kleinste kring aangewezen.

Een haas leeft alleen en is daardoor onbeschermd en kwetsbaar. Hazen zijn dan ook altijd waakzaam. Als hazen achtervolgd worden door een roofdier, springen ze voor elkaar in het spoor. De achtervolgde haas kan zo op adem komen. Ze tonen zich offerbereid en onzelfzuchtig. Zelf gaan ze niet in de aanval, waardoor ze vanuit menselijk oogpunt zachtaardig en vredelievend zijn. In deze tijd van Corona wordt een beroep gedaan op haas-kwaliteiten. Hierdoor blijken op afstand nabijheid en saamhorigheid te ontstaan.

Een kuikentje moet eerst door een harde schaal heenbreken om ter aarde te komen. Een paashaantje van brooddeeg draagt vaak een buxustakje bij zich. Dit verwijst naar de altijd groene steeds hoger rijzende palmboom. Al in voorchristelijke tijd zag men de palm als symbool voor de zon, die vanaf de lente steeds hoger en krachtiger aan de hemel staat. De haan kraait tijdens zonsopkomst. De haan verbeeldt ons wakkere ik. Deze tijd van Corona vraagt een extra mate van wakkerheid van ons. In sprookjes kraait de haan op momenten dat de mens die op weg is, de goeie beslissing moet nemen. Momenteel wordt er van ons gevraagd om thuis te blijven.

In het leven hebben we te maken met metamorfose en transformatie. Vaak gaat dat gepaard met lijden. Een proces waarna we met nieuwe mogelijkheden ‘geboren’ kunnen worden. Pasen gaat over lijden, sterven, opstanding en opnieuw verrijzen. Met midwinter (kerst) begint de uitademing van de aardeziel, die duurt tot en met midzomer (Sint Jan). Bij het begin van de lente is die uitademing halverwege. Deze ademtocht kan sinds de gebeurtenis op Golgotha gezien worden als afspiegeling van de opstanding. Hierin kan je als mens ten alle tijden mee ademen. In een moment van chaos kan heel bewust ademen helpen om weer tot rust te komen.

Als we te maken krijgen met tegenslag, verdriet, angst, verlies en rouw kunnen we dat als een doodsbeleven ervaren. Het is dan mogelijk om van binnen op zoek te gaan naar de zin hiervan en naar een manier om ermee om te gaan. Als dat lukt, kan het voelen als een opstandingsmoment. Dit kunnen we zien als een persoonlijk Golgotha. Uiteindelijk genereert het nieuwe levenskracht.

Nieuws uit de Tuin

Vanuit de Tuinkwekerij
Vóór de kerstvakantie zijn de eerste zaden gezaaid. De koudekiemers hebben de afgelopen weken liggen bibberen in de kas, al had het wat ons betreft wel wat kouder gemogen. Ondanks de milde temperaturen zijn er al de nodige baby’s te vinden. Zo laat de beemdkroon zich van zijn beste kant zien en komt de grote pimpernel al voorzichtig op. Hier en daar is ook het slangenkruid al voorzichtig boven de aarde uit aan het piepen.
Dit jaar proberen we ook weer wat nieuwe zaden uit. Dit is een interessant proces van ontdekken wat werkt, wat opkomt en hoe je het beste kunt zaaien. Grassoorten staan bijvoorbeeld toch wat ongezellig als er maar één sprietje uit een bakje steekt. Op deze manier concluderen wij grinnikend dat het werken op de tuin en in de kwekerij een oneindig weg vol verrassingen is. Ondertussen is het alweer tijd om aan de voorjaarszaai te beginnen. Met de zaaikalender in de aanslag plannen we de eerste zaai van de groenteplanten voor Mens en Tuin en in het Park. Ook zaaien we voor de winkel en voor grote bestellingen. Daarnaast gaan we een aantal vaste planten zaaien voor komend seizoen. Soorten die we voor het eerst proberen, maar ook vaste gasten. Zaden als echinacea pallida, zeeuws knoopje, look-zonder-look en zwartpurperen scabiosa liggen klaar. We zouden ze de grond uit kijken als het kon.

Wilgen knotten
In januari zijn we begonnen met het knotten van de wilgen. We hadden dit jaar hulp van de vader van Bianca, die samen met een aantal van onze deelnemers en vrijwilligers de wilgen te lijf is gegaan. Zoals ieder jaar knotten we de helft van de wilgen, om ervoor te zorgen dat de andere helft behouden blijft als bloeiers voor de insecten. Dit knotten bleek een dankbare buitenklus in een tijd waarin de grond en het weer te nat en koud zijn om in de tuin te kunnen werken. Afwisselend zonnestralen en grijze luchten vergezelden de klussers op hun avontuur langs de waterkant. Waar de snoeiers met touwen, ladders en zagen aan de slag gingen, werd door een volgende groep met snoei- en takkenscharen gewerkt aan de volgende stap van het proces. Een systematische werkwijze werd toegepast, waarbij deelnemers een tak vanaf de slootkant tot op maat en dikte gesorteerd verwerkten. Zo hadden we vier prachtige stapels takken liggen, van dun naar dik en van kort naar lang. Deze gebruiken we voor het repareren en opbouwen van de bedden in de wisselbouw. Ook gebruikten we de palen voor een ingestort hek, dat we uiteindelijk weer met restmaterialen konden opbouwen tot een ‘ondoordringbaar fort’. In ieder geval, dicht waar het dicht moet zijn. Het was dan ook even wennen toen we ineens weer iets anders moesten doen dan takken zagen, rissen, sorteren en verslepen. Gelukkig komt daar het voorjaar. We vlechten, bouwen, wieden, scheuren, verplanten, knippen, tegelen, enz..

Groenteteelt voor eigen gebruik
Aan het ‘einde’ van de wisselbouw zijn we begonnen aan het opbouwen van een aantal nieuwe bedden. Door het verwijderen van een aantal doorgerotte verhoogde bedden, ontstond er een gat in de tuin. Gezien we tijdens de lunch graag van een kom soep genieten, zagen wij onze kans schoon om hier een stuk te reserveren waar we onszelf van groente kunnen gaan voorzien. Daarbij hebben we een aantal verhoogde bakken klaar staan, die wachten op een betegeld plekje. Hier kunnen mensen met rollator of rolstoel aan werken, doordat de bak als een tafel functioneert. Naast deze verhoogde bakken, worden er een aantal smallere bedden gebouwd om hier onder andere onze peentjes en pompoenen te kunnen laten groeien.

Ondanks de nieuwe bedden, is onze ruimte nog altijd beperkt. Toch zouden we graag een paar aardappelen willen telen. Zodoende is het idee ontstaan om deze in de hoogte te telen. We gaan de aardappelen in een oude compostzak telen. Je kunt ze dan steeds aanaarden, zodat ze de hoogte in groeien. Aan het eind maken we de zak open om de aardappelen te oogsten. We zijn benieuwd naar het resultaat, het is even afwachten of het werkt. Met geluk eten we frieten na de zomer!